Nijmegen
Home » * Onderwijs » Speciaal Basisonderwijs

Speciaal Basisonderwijs

Speciaal basisonderwijs in het algemeen
Scholen voor SBO vallen onder de Wet op het Primair Onderwijs. Sinds 1998 zijn er geen scholen meer voor moeilijk lerende kinderen (MLK), scholen voor kinderen met leer- en opvoedingsmoeilijkheden (LOM) en afdelingen voor in hun ontwikkeling bedreigde kleuters (IOBK). Deze leerlingen gaan nu naar scholen voor speciaal basisonderwijs (SBO).
SBO staat voor de bijzondere combinatie van vakbekwaam basisonderwijs aangevuld met specifieke leer, gedrags- en opvoedingsexpertise. SBO biedt passend onderwijs aan kinderen die zich op de gewone basisschool niet op hun best ontwikkelen.

Voor elke leerling is structuur belangrijk, maar voor de SBO-leerling is dit uitermate van belang. Structuur is dan ook dé stevige basis van iedere SBO-school. Structuur wordt bijvoorbeeld geboden door een vaste dagindeling en vaste regels in het lokaal, maar ook door zoveel mogelijk prikkels te vermijden waar de leerlingen last van kunnen hebben. Om die reden wordt gewerkt met kleine groepen van gemiddeld 15 leerlingen.

SBO-scholen werken veel samen met anderen. Zo werken ze samen met jeugdzorg en maatschappelijk werk om het beste uit het kind te halen. Andere mogelijke samenwerkingsorganisatie zijn Ciza Dorpgroep, Lindenhout, de Politie/wijkagent, Centrum voor Jeugd en Gezien, Pluryn en Karakter. Ook werkt het SBO samen in regionale netwerken en zijn er samenwerkingsverbanden met het reguliere basisonderwijs en het speciale onderwijs. Daarnaast werkt het SBO samen met ouders. Gedurende de periode dat hun kind naar een SBO-school gaat, zijn ouders actief betrokken bij de schoolprestaties en ontwikkeling. Leerkrachten houden de ouders op de hoogte van de ontwikkeling en (speciale) begeleiding van hun kind. Andersom informeren ouders de leerkrachten over ontwikkelingen in of behoeftes vanuit de thuissituatie. De extra aandacht voor de thuissituatie zorgt ervoor dat SBO-leerlingen zich optimaal ontwikkelen.

De SBO-leerkrachten staan er niet alleen voor. Ze werken nauw samen met deskundigen uit overige disciplines, zoals een psycholoog, een dyslexiespecialist, een speltherapeut, een logopedist of een fysiotherapeut. Dit multidisciplinaire team komt regelmatig samen om de individuele ontwikkeling van het kind te monitoren.

Het speciaal basisonderwijs is een vorm van speciaal onderwijs. Leerlingen die onvoldoende baat hebben bij de extra zorg op de basisschool en een intensievere vorm van zorg nodig hebben, gaan naar een school voor speciaal basisonderwijs (sbo). De reguliere basisschool kan soms onvoldoende inspelen op de ondersteunings- en instructiebehoeften van kinderen met leer- en omgangsproblemen. Op de reguliere basisschool gaat de opbouw en het leertempo te snel voor het kind. Kinderen kunnen hierdoor ontmoedigd worden of ze verliezen de motivatie voor schoolwerk. Op het speciaal onderwijs hebben ze een speciale aanpak, met een meer geleidelijke opbouw van de leerstof met veel oefenmomenten. Dit gebeurt in kleine leerstapjes, veel herhaling en meer persoonlijke begeleiding.

Verschillende clusters binnen het speciaal onderwijs en het speciaal basisonderwijs

Er zijn voor op niveau van de basisschool, dus voor kinderen van ongeveer 4 tot en met 12/13 jaar twee verschillende speciaal onderwijs. Het speciaal onderwijs dat onderverdeeld is in vier clusters en het  speciaal basisonderwijs. Ik zal ze allebei uitleggen

Het speciaal onderwijs onderscheidt vier clusters. Hieronder zal ik ze benoemen:

  • Cluster 1: voor kinderen met visuele handicaps;
  • Cluster 2: voor kinderen met communicatieve handicaps (gehoor-, taal- en/of spraakproblemen);
  • Cluster 3: voor kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke handicap;
  • Cluster 4: voor kinderen met psychiatrische pof gedragsstoornissen.

Financiering SBO

De speciale basisscholen ontvangen van het Rijk subsidie voor de kosten die verbonden zijn aan het onderwijs van de leerlingen. Dit gaat onder andere om het salaris van het personeel, onderhoud van het gebouw en leermiddelen. De school heeft echt ook activiteiten, waarbij de kosten niet betaald kunnen worden uit deze subsidie. Dat gaat om ouderavonden, diverse feestelijke gebeurtenissen, excursies, spelmateriaal, voorleesboeken enzovoort. Daarom worden er jaarlijkse ouderbijdrage gevraagd aan ouders.

Speciaal basisonderwijs in Nijmegen

Het Nijmeegse onderwijs wil meer van deze leerlingen in de eigen buurt op de gewone basisschool opvangen. Het Zorgplan van het Nijmeegs onderwijs geeft een vierjarenoverzicht van maatregelen om dit doel te bereiken. Landelijk is dit project bekend onder de naam 'Weer Samen Naar School'. Het project Weer Samen Naar School (WSNS) heeft als doel kinderen, die extra zorg en begeleiding nodig hebben, zoveel mogelijk op een reguliere basisschool te houden. Het gaat om leerlingen die moeite hebben met leren of die gedragsproblemen hebben. Dit zijn bijvoorbeeld leerlingen met ADHD, dyslexie of bepaalde vormen van autisme. Ook hoogbegaafde leerlingen hebben vaak extra aandacht nodig. Voor kinderen met een lichamelijke of geestelijke handicap zijn er speciale scholen.

Nijmegen heeft twee locaties van scholen voor speciaal basisonderwijs, genaamd De Windroos. De ene school bevindt zich op Tapirstraat op de locatie Goffert en de andere school bevindt zich op de Gildekamp op de locatie Lindenholt.

Wat is ADHD?

ADHD betekent Attention Deficit Hyperactivity Disorder, oftewel aandachtstekort/hyperactiviteitstoornis.

Het "aandachtstekort" slaat niet op onvoldoende aandacht krijgen. Wel kan iemand met ADHD onvoldoende aandacht schenken aan zijn of haar omgeving. Daardoor is het niet goed mogelijk om de aandacht bij één ding tegelijk te houden (concentratiegebrek). Een ADHD'er wordt snel afgeleid.

Wat is dyslexie?

Dyslexie betekent letterlijk: niet kunnen lezen. De term komt uit het latijn, want dys = niet goed functioneren, lexis = taal of woorden.

Bij dyslexie gaat lezen, spellen en ook zelf schrijven, gezien de leeftijd en het onderwijsniveau, veel te moeizaam, terwijl iemand wel een gemiddelde intelligentie heeft. Er is alleen sprake van dyslexie als er geen andere oorzaken zijn die de leesproblemen kunnen verklaren. Bij dyslexie kunnen zowel lees- als spellingsproblemen voorkomen, maar deze komen ook los van elkaar voor.

Wat is autisme?

Een autistisch kind begrijpt niet veel van de wereld om hem heen. Hij zoekt nauwelijks contact met mensen en dingen in zij omgeving of doet dat op een vreemde manier. Hij kijkt andere meestal niet of slechts even aan. Hij praat vaak niet of nauwelijks of begrijpt niet wat anderen tegen hem zeggen. Het ene autistische kind is echter het andere niet. Er zijn ook kinderen die juist erg veel praten, maar het is vaak meer een stortvloed van woorden, dan dat er werkelijk iets gezegd wordt. Het is voor hen echt moeilijk om echt met een ander te communiceren. Autistische kinderen hebben meestal geen besef wat de ander denkt en bedoelt, van wat er in de ander omgaat.

Wat is een speltherapeut?

Speltherapie is een vorm van psychotherapie voor kinderen waarbij het spel gebruikt wordt om een kind vooruit te helpen. Wanneer ingrijpende gebeurtenissen of psychische problemen de ontwikkeling van het kind belemmeren, kan speltherapie een oplossing bieden.

Wat doet een fysiotherapeut?

Een fysiotherapeut, kinesitherapeut, ook soms kinesist genoemd, laat patiënten met verschillende lichamelijke klachten oefeningen doen die onder de noemer fysiotherapie/ kinesitherapie vallen.

Wat doet een logopedist?

De logopedist houdt zich bezig met alle aspecten van verbale communicatie. Hij of zij behandelt kinderen en volwassenen op het gebied van stoornissen van mondfuncties zoals slappe mondmotoriek, adem en stem zoals heesheid of keelklachten door verkeerd stemgebruik, spraak zoals onduidelijk spreken, taal zoals vertraagde taalontwikkeling en gehoor zoals slechthorendheid. De logopedist doet onderzoek, adviseert, geeft voorlichting, werkt preventief en onderwijst en begeleidt partners, familieleden en verzorgers van patiënten. Dus op een school kan een logopedist werken en hij of zij kan leerkrachten begeleiden in hoe de leerkrachten met de kinderen om kunnen gaan.

 

Logopedische hulp is er voor kinderen en volwassenen op het gebied van:

Adem en stem:

  • onvoldoende adembeheersing
  • heesheid of keelklachten door verkeerd stemgebruik
  • heesheid of stemverlies na ziekte of operatieve ingrepen

Mondgewoonten:

  • mond ademen
  • slappe mondmotoriek
  • duimen
  • afwijkend slikken

Spraak:

  • onduidelijk spreken
  • het niet goed uitspreken van klanken
  • stotteren
  • onduidelijk spreken bijvoorbeeld na een hersenbloeding

Taal:

  • vertraagde taalontwikkeling
  • onvoldoende taalbegrip en taalgebruik
  • taalverlies bijvoorbeeld na een hersenbloeding

Gehoor

  • verminderde klankwaarneming
  • slechthorendheid
  • doofheid

Hoe verloopt de route van een kind dat de basisschool bezoekt naar het speciaal onderwijs?

U kunt uw kind niet rechtstreeks aanmelden voor een speciale school voor basisonderwijs (SBO-school). Eerst moet u het aanmelden bij de permanente commissie leerlingenzorg (PCL). Dit is een commissie die iedere reguliere basisschool in Nederland heeft. Meestal helpt de basisschool waar uw kind op zit u bij de aanmelding. De adresgegevens van de PCL kunt u bij deze school krijgen. Het aanmeldingsformulier heeft de school ook voor u.

De hele procedure van aanmelding bij de PCL verloopt in vijf stappen:

  • U meldt uw kind aan bij het PCL. U gebruikt hiervoor het aanmeldingsformulier dat de basisschool u geeft. Dit stuurt u op naar de PCL.
  • U krijgt een brief van de PCL waarin staat dat ze uw aanmelding hebben ontvangen. Soms vraagt de PCL u nog om onderzoeksrapporten over uw kind (bijvoorbeeld een rapport van een psycholoog, psychiater of kinderarts) op te sturen.
  • De PCL vraagt aan de basisschool van uw kind om hun rapport over uw kind. In dit rapport moet staan wat de basisschool gedaan heeft om uw kind te helpen. U hebt als ouder/verzorger recht op inzage in dit rapport.
  • De PCL gaat beoordelen of ze uw kind aanmelden bij een SBO-school. Dit duurt ongeveer acht weken.
  • De PCL laat u weten of ze uw kind wel of niet gaan aanmelden voor een SBO-school. U krijgt een beschikking van ze.

Als de PCL beslist dat het terecht is dat uw kind naar een SBO-school gaat krijgt u een toelaatbaarheidsbeschikking. Dat is een brief waarin staat dat uw kind naar een SBO-school mag.
Zodra u de toelaatbaarheidsbeschikking in huis hebt, kunt u uw kind in laten schrijven op een SBO-school.

Hoe verloopt de route van een kind met problemen naar een clusterschool?

1. Ouders melden hun kind zelf aan bij een Commissie voor Indicatiestelling (CvI) van het onderwijscluster waarvan zij denken dat hun kind toe behoort. Om te achterhalen bij welke CvI u moet zijn, kunt u dit aan de school vragen waar u uw kind wilt aanmelden. Aan de Commissie overhandigt u allerlei gegevens over uw kind, zoals medische dossiers en een onderwijskundig rapport. Het REC kan u hierbij helpen. Ook als de aangeleverde gegevens onvolledig zijn.

2. De CvI onderzoekt aan de hand van de gegevens of uw kind een indicatie kan krijgen voor een bepaalde school voor speciaal onderwijs.

3. Als uw kind zo’n indicatie krijgt, kunt u zelf bepalen of het naar een school voor speciaal onderwijs gaat of met een Rugzak naar een gewone school. Dat is een moeilijke keuze en het is verstandig dat u zich goed laat informeren over voor- en nadelen. Als uw kind geen indicatie krijgt, kan het niet naar het speciaal onderwijs of met een Rugzak naar de basisschool. Als laatste mogelijkheid kunt u dan nog binnen zes weken een bezwaarschrift indienen bij de CvI. U heeft het recht om uw bezwaren toe te lichten voor de Commissie. Volgt er weer een afwijzing dan kunt u binnen zes weken een zogenoemde civiele procedure starten.

4. Uw kind krijgt een indicatie. Stel dat u kiest voor een gewone school, dan mag zo’n school uw kind alleen weigeren als daar een goede reden voor is. Bijvoorbeeld als zij uw kind onvoldoende begeleiding kan geven. Als u een school voor gewoon basis- of voortgezet onderwijs heeft gevonden die uw kind toelaat, dan stelt de school een handelingsplan op. Dit gebeurt in overleg met u en met een deskundige (meestal uit het speciaal onderwijs) van buiten de school. Ook als u voor een speciale school kiest, dan moet er in overleg met u een handelingsplan opgesteld worden. In het handelingsplan wordt vermeld wat de school wil bereiken met uw kind en op welke manier.

Hoe kom je van het sbo/svo terug in het reguliere onderwijs?

Wanneer de kind op de speciaal onderwijs goed funcioneerd geven de leerkrachten aan de ouders door dat het kind in staat is om naar het regulier basisonderwijs te gaan. Een speciaal onderwijs heeft ook bepaalde eisen die een kind moet voldaan om naar het regulier onderwijs te kunnen gaan. Hierbij kan je denken aan de cijfer dat een kind moet behalen. De ouders zoeken een school op en de school zoekt contact op met de speciaal basisschool. De scholen bespreken hoe alles in elkaar zit en daarna kan het kind naar het regulier onderwijs. De speciaal basisschool wilt graag de kinderen die weer naar het regulier onderwijs kunnen, meteen daarnaar toe sturen. De reden hiervoor is, dat er lange wachtlijst is en wanneer de kind naar de regulier onderwijs gaat kan er een andere kind in zijn plaats komen en kunnen ze dat kind begeleiding aanbieden.